Familierecht / kinderalimentatie betalen uit vermogen

Home / Actualiteit / Familierecht / kinderalimentatie betalen uit vermogen

In hoger beroep werd aan het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden de vraag voorgelegd of
kinderalimentatie op nihil kon worden gesteld omdat de vader van de kinderen geen inkomen
meer had als gevolg van verkoop van zijn pizzeria, veroorzaakt door een structurele depressie
stoornis, waardoor de man redelijkerwijs niet meer zijn onderneming kon voortzetten.
De stoornis werd bewezen door een psychologisch rapport, op grond waarvan het Hof aannam
dat hij als gevolg van psychische en fysieke klachten niet meer in staat was om zijn oude bron
van inkomsten terug te krijgen.

Het Hof achtte die situatie onomkeerbaar, dus herstel van de oude inkomenssituatie werd
redelijkerwijs uitgesloten geacht.

Ook achtte het Hof het inkomensverlies van de man niet verwijtbaar, mede omdat kwam vast
te staan dat de man jarenlang 7 dagen per week had gewerkt, hetgeen te stressvol was
gebleken, waardoor de man niet kon worden verweten dat hij zijn pizzeria uiteindelijk had
verkocht.

Wel achtte het Hof het resultaat van de verkoop van de pizzeria (vermogen in de vorm van
geld) zodanig dat het Hof de man nog steeds in staat achtte om de eerder door de Rechtbank
vastgestelde kinderalimentatie van € 99,– per maand per kind te kunnen blijven voldoen,
alsmede een gedeelte van de achterstallige alimentatiebetalingen.

Door het interen op het vermogen vanwege de kosten van eigen levensonderhoud en de
betaling van de kinderalimentatie, zou het vermogen in de toekomst zodanig verminderd
worden dat de man op enig moment wel een beroep op de bijstandswet (Participatiewet) zou
moeten doen, echter het Hof liep daarop niet vooruit en gaf aan dat de man – wanneer de man
in de toekomst een beroep zou moeten doen op de bijstandswet – alsnog aan de bevoegde
Rechter kon voorleggen of er reden was om de kinderalimentatie dan alsnog te wijzigen.
In die nieuwe situatie zou dan ook de financiële situatie van de moeder van de kinderen
moeten worden betrokken.

Deze casus toont aan dat kinderalimentatie een hoge prioriteit heeft en dat zelfs bij ontbreken
van inkomen de betalingsruimte uit vermogen van belang is.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 23-01-2020 (ECLI: NL: GHARL: 2020: 654).